Lichaamstaal Bij De Hond
Lichaamstaal bij de hond
Wij mensen communiceren wat af. We praten veel, maar nog meer communiceren we met lichaamstaal. Van die non-verbale communicatie zijn we ons vaak nauwelijks bewust. Even met je hand door je haar, even aan je neus kriebelen, een slok water nemen, je das goed doen of even kuchen, zijn allemaal voorbeelden van onzekerheid. We gebruiken het vaak onbewust om even wat tijd te winnen voordat we verbaal reageren, omdat we niet helemaal zeker zijn van ons antwoord.
Een neutrale hond
Een hond die niet zeker of onzeker, niet gespannen of angstig is, heeft een neutrale houding. De staart wordt dan half gedragen en is ontspannen. De oren staan of hangen. De hond steunt op alle poten evenveel. Het gezicht is ontspannen.
Een zekere hond herken je aan de oren die omhoog en naar voren gericht staan en een staart die hoog gedragen wordt. De poten staan netjes in een vierhoek en hij zet evenveel gewicht op alle poten. Een zekere hond hoeft niet van zich te laten horen, maar als hij dat doet, is het een zware blaf. Het gezicht van de hond is ontspannen en er staan geen rimpels in (afhankelijk van het ras). De lippen zijn ontspannen. Door de staande oren en hoge staart lijkt de hond groter.
Een onzekere hond herken je aan oren die naar achteren gericht staan en een staart die gespannen naar beneden gehouden wordt. Is de hond angstig, dan stopt de hond zijn oren plat in zijn nek en zijn staart klemt hij helemaal tussen zijn benen, zo dekt hij zijn anaalklieren af.
Een onzekere hond staat vaak wat wankel, de voor- of achterpoten net wat te ver uit elkaar en de hond hangt wat meer gewicht op de voor- of achterpoten.
Het komt vaak voor dat een hond niet helemaal weet wat hij nou met de situatie aan moet. Dan wisselt de hond tussen een zekere en onzekere houding.
Je ziet dan bijvoorbeeld dat een hond zijn oren rechtop en naar voren gericht heeft, maar zijn staart heel laag heeft staan. Dit noemen we ‘ambivalentie’. De hond weet niet hoe zich te gedragen in deze situatie.
Honden onderling maken heel veel gebruik van kalmerende signalen. Let u tijdens het uitlaten van uw hond maar eens op als uw hond kennis maakt met een andere hond.
Van verre zien ze elkaar vaak al aankomen. Zijn de honden goed gesocialiseerd dan zullen ze niet zomaar op elkaar afrennen, dat is in hondentaal niet beleefd!
Andere kalmerende signalen die honden gebruiken bij spanning zijn het aflikken van de lippen, wat we tongelen noemen, gapen of krabben. Bent u dus met uw hond bezig en ziet u hem telkens gapen, dan is wat u aan het doen bent eigenlijk te spannend voor uw hond. Beter kunt u dan proberen positief af te sluiten.
Ook honden hebben soms misverstanden, soms gedraagt een hond zich iets te brutaal, of denkt hij de hond in kwestie best aan te kunnen. Dan kan er een misverstand en ruzie ontstaan. In 99% van de gevallen lossen de honden dit heel goed zelf op. Het beste wat u als baas kunt doen, is omdraaien van de honden en weglopen. Veel honden voelen zich namelijk sterker in bijzijn van de baas. Ook onze aandacht voor de ruzie is voeding om de ruzie door te laten gaan. Vaak is er een hoop herrie bij een ruzie, maar is er feitelijk weinig aan de hand.
Ziet u dat een hond ‘schudgedrag’ gaat vertonen, hij pakt de hond vast en schudt ermee, dan moet u wel ingrijpen. In dit geval ziet de hond de andere hond niet meer als tegenstander, maar als prooi.
Ingrijpen kunt u het beste alleen maar doen door de achterpoten van de hond te pakken en naar achteren te lopen. De hond schrikt, laat los om zich om te draaien, maar kan niet bij uw handen komen.
Ligt uw hond onder een andere hond, roep hem dan nooit terug. De hond blijft onder de andere hond stil liggen om zich over te geven. Als u hem bij u roept rent hij weg, wat de andere hond kan zien als teken dat de hond toch nog niet zijn lesje geleerd heeft.
Veel mensen denken dat een volwassen hond nooit lelijk mag doen tegen een pupje. Dit is niet waar. Een volwassen hond zal een pup zoveel mogelijk proberen te negeren, maar als de pup te ver gaat, of als de volwassen hond gewoon even geen zin heeft in het drukke gedoe van de pup mag deze hem zeker corrigeren. Een pup heeft geleerd hard te gaan ‘gillen’ als overgave. Het lijkt dus vaak alsof de pup haast gevild wordt, maar dit is niet het geval. De volwassen hond moet wel een goed gesocialiseerde hond zijn.
Lichaamstaal bij een hond is heel erg veelzijdig. Gaat u er maar eens op letten in het park of bij uw honden thuis, er zal een wereld voor u open gaan!


De Australian Shepherd neemt hier een onzekere (onderdanige) houding aan: oren naar achteren gericht, staart omlaag, kop wordt laag gedragen. De Jack Russel heeft nog steeds een ambivalente houding.

De Australian Shepherd heeft hier een zelfverzekerde houding, de oren staan naar voren en de staart wordt omhoog, maar ontspannen gedragen.

Beide honden hebben een ambivalente houding. De crèmekleurige hond heeft zijn staart tussen zijn poten, wat duidt op angst, maar zijn oren naar voren staan, wat een teken is van een zekere houding. De Australian Shepherd draagt zijn staart hoog, maar heeft zijn oren naar achteren gedraaid. Deze honden kennen elkaar niet, maar willen wel spelen, al vinden ze dit ook een beetje eng.

Op deze foto ziet u een Golden retriever met een zekere houding en een Golden met een onzekere houding.
Gerelateerde artikelen:

Ik heb een Jack Russel en hij loopt de laatste steeds vaker met zijn staart tussen de poten en met een holle hoge rug. Hij maakt een ongelukkige en ontevreden indruk. Waar kan dit op duiden?